Laurens Dassen: ‘Europa moet een hoofdzaak worden’

Laurens Dassen had enkele jaren geleden een goedbetaalde baan bij een Nederlandse bank, maar nu trekt hij de lijst van de nieuwe partij Volt. Met zijn partij hoopt Dassen hoge ogen te gooien bij de Tweede Kamerverkiezingen volgend jaar: hij wil met minstens drie zetels in de Tweede Kamer komen. Zijn ambitie reikt echter nog verder dan dat. Laurens Dassen over zijn idealen, zijn partij en zijn toekomstvisie voor ons land. 

Laurens Dassen (1985) werd geboren in Eindhoven, maar groeide op in Knegsel, een plattelandsdorp ten westen van de lichtstad. Aan de keukentafel voerde hij met zijn ouders al levendige discussies. Die discussies gingen over de kleine dingen des levens, maar ook vaak over Europa, en het belang van Europese samenwerking, waar zijn vader fervent voorstander van was. De dialogen die hij thuis voerde hebben zijn interesse in de maatschappij en de politiek aangewakkerd.

Zijn politieke ambities kwamen toen hij zich bij Volt aansloot. Volt is een pan-Europese beweging die in veel Europese landen een afdeling heeft en Europese samenwerking hoog in het vaandel heeft staan. De grootste prestatie van Volt is vooralsnog het behalen van een zetel in het Europees Parlement, waar de Duitser Damian Boeselager momenteel het geluid van Volt probeert te vertolken. Daarnaast zetelen lokale fracties van Volt in een aantal gemeenteraden in Duitsland, Italië en Bulgarije.

Volt deed vorig jaar met een Nederlandse lijst mee aan de Europees Parlementsverkiezingen en behaalde ruim 100.000 stemmen. Dat bleek toen niet voldoende voor een zetel. Ze zijn echter niet bij de pakken neer gaan zitten, en gaan nu proberen om in de Tweede Kamer zitting te nemen. Ze hebben nog een kleine drie maanden voor de boeg om die droom werkelijkheid te laten worden.

Ik ontmoette Dassen op een koude maar zonnige ochtend begin deze maand. We spraken af in het Vondelparkpaviljoen: een majestueus gebouw in Italiaanse renaissancistische stijl aan de rand van het Vondelpark. In dat paviljoen is momenteel onder meer media- en cultuurlab VondelCS gevestigd. We spraken over het verkiezingsprogramma van Volt, over de democratie en het referendum, over partijen die nu in de Tweede Kamer zitten, en uiteraard over Europese samenwerking, maar ook de noodgedwongen hervormingen die daarmee gepaard zouden moeten gaan.

Waarom heb je je aanvankelijk bij Volt aangemeld?
“Begin 2018 las ik over Volt. Dat was een tijd waarin ik zelf een groeiend nationalisme bemerkte in veel landen. De Britten hadden voor een Brexit gestemd, Donald Trump kwam op in de Verenigde Staten, Matteo Salvini in Italië, Marine Le Pen in Frankrijk en Forum voor Democratie in Nederland. Dat vond ik erg zorgelijk. Toen las ik over Volt, en over hoe een generatie jonge Europeanen met elkaar een compleet nieuw project wilden opzetten. Een Europees project met nieuwe energie. Dat sprak mij ongelofelijk aan, en toen heb ik me meteen aangemeld. Ik wilde echt wat veranderen: niet langer in de kroeg onder vrienden mezelf afvragen waar het heen gaat met de wereld, maar daadwerkelijk de koe bij de horens vatten.”

Na je aanmelding bij Volt heb je samen met een team van vrijwilligers de Nederlandse tak van Volt uit de grond gestampt. Hoe is dat gegaan?
“Het begon eigenlijk met een paar uurtjes per week, en die paar uurtjes werden al snel heel veel uurtjes. Samen met mede-oprichter Reinier van Lanschot heb ik toen verschillende gesprekken gevoerd over hoe we het zouden gaan aanpakken. We geloofden in de partij, maar we hadden geen mensen en geen geld. Als we echt een serieuze partij zouden willen oprichten, hadden we onder meer mensen nodig die zich fulltime voor de partij zouden kunnen inzetten. Dus toen hebben we met z’n tweeën besloten om onze baan op te zeggen en vrijwillig de kar te gaan trekken, met het idee dat we onszelf na een half jaar vast wel iets konden uitbetalen. Dat is er helaas nooit van gekomen.”

Ben je sinds je je baan opzegde wel fulltime voor Volt aan de slag gebleven?
“Ja, maar ik heb tussendoor nog wel vijf maanden bij ABN-AMRO gewerkt, want na anderhalf jaar fulltime voor Volt vrijwilligerswerk te hebben gedaan was mijn geld gewoon op. Nu krijg ik gelukkig 1500 euro in de maand van de partij om mijn huur te kunnen betalen en mijn basiskosten te dekken, want anders is het niet meer te doen.”

“We zitten op dit moment met een hele grote klimaatuitdaging. Iedereen ziet dat, en wij vinden eigenlijk dat de ambitie wat klimaat betreft veel te laag is.”


Volt deed vorig jaar met een Nederlandse lijst mee aan de Europees Parlementsverkiezingen. In hoeverre heeft Volt zich sinds die tijd ontwikkeld?
“Het is heel anders. We zijn een veel grotere organisatie geworden. Een half jaar voor de Europees Parlementsverkiezingen hadden we tweehonderd leden, en in de maanden daarna hebben we een flink groeispurt gemaakt. Zeker in de laatste paar weken voor de verkiezingen, toen we ineens deel uit gingen maken van de mediacyclus. Door onze deelname aan de Europees Parlementsverkiezingen is ons ledenaantal ook flink gestegen, en sindsdien is dat blijven stijgen. Nu zitten we op bijna tweeduizend leden.”

Volt heeft een ambitieus verkiezingsprogramma gelanceerd. Daarin staat onder meer dat Volt de Green Deal van de Europese Commissie grotendeels wil overnemen, maar er ook wat aan wil toevoegen, zoals een fossielvrije energiemix en een elektrisch openbaar vervoernetwerk. Volt wil daarnaast overstappen op een waterstofeconomie. Waarom is enkel de Europese Green Deal voor Volt niet toereikend?
“We zitten op dit moment met een hele grote klimaatuitdaging. Iedereen ziet dat, en daarom vinden wij eigenlijk dat de ambitie wat klimaat betreft veel te laag is. Het Planbureau voor de Leefomgeving zegt al dat als we op dit moment zo doorgaan zoals we nu doen, we onze klimaatambities van 2030 ook niet gaan halen. En al halen we die wel, is het nog de vraag of het voldoende is. Als we geen andere koers inslaan, zitten we straks met serieuze problemen voor onder andere de voedselvoorziening en de zeespiegel. Er is dus sprake van urgentie, maar wij zeggen ook: klimaatverandering biedt ons kansen. Het biedt ons de mogelijkheid om in te zetten op een schoner milieu. We kunnen er ons economisch voordeel mee doen: we kunnen banen creëren en toewerken naar het gebruiken van waterstof als energiebron, zodat we minder afhankelijk zijn van Rusland en het Midden-Oosten.”

Om die waterstofeconomie te realiseren willen jullie tijdelijk inzetten op kernenergie. Waarom is kernenergie voor Volt geen blijvertje?
“Wij zetten inderdaad in op kernenergie, want we zien ook in dat we de klimaatdoelen op deze manier niet gaan halen. Kernenergie is een schone energiebron waar je heel veel van nodig zult hebben als je de transitie naar waterstof wilt maken. Onze heilige graal is overigens kernfusie, dus daar werken we op termijn graag naartoe, maar tot die tijd zul je kernenergie in de vorm van kernsplitsing nodig hebben. Op het moment dat kernfusie gemeengoed wordt, zou je kernsplitsing dus weer kunnen afbouwen.”

De Europese Commissie wil haar Green Deal in 2050 gerealiseerd hebben, maar Volt wil haar klimaatplannen eigenlijk al in 2040 hebben afgerond. Is dat niet veel te ijverig?
“Dat vraag ik me af. Vijftien jaar geleden was de eerste iPhone er nog niet. Twintig jaar geleden was de euro er nog niet. Met alle technologische mogelijkheden die we nu hebben en de enorme investeringen die we tijdens de coronacrisis kunnen doen, denk ik dat het zeker haalbaar is, als de wil er maar is. De Europese Raad heeft onlangs een akkoord bereikt om de uitstoot van broeikasgassen met 55% terug te brengen in 2030 (in dat jaar moet de uitstoot van broeikasgassen teruggebracht zijn met 55% vergeleken met 1990, red.), en een meerderheid in het Europees Parlement wilde eigenlijk dat dat nóg hoger zou zijn. De ambitie en de wil zijn er dus wel degelijk. Als je als overheid gewoon begrijpelijk maakt welke kant het beleid precies op gaat, dan zorg je ervoor dat burgers en bedrijven ook duidelijkheid hebben.”



In Nederland worden mensen momenteel aangemoedigd om van het gas af te gaan. In Duitsland moeten ze van bruinkool en olie af, en gaan ze juist aan het gas. Dat zet weinig zoden aan de dijk.
“Het belang van Europees beleid is hierin goed zichtbaar. De Europese Green Deal zet er juist op in om te zorgen dat in landen waar ze nu nog achterlopen de klimaattransitie wordt versneld. Zo zegt Diederik Samsom in de podcast Betrouwbare Bronnen dat we ook in Polen alle huizen zullen moeten isoleren en verduurzamen omdat we de klimaatdoelen niet gaan halen als we dat alleen in Nederland doen. Dat Duitsland aan het gas gaat terwijl wij ervan af gaan, dat is natuurlijk een raar signaal, maar gas is al veel schoner dan bruinkool en steenkool, en uiteindelijk is het ieders doel dat we naar een klimaatneutraal Europa gaan. Daarvoor moeten we ook de energienetten in Europa beter op elkaar aansluiten. Zo kunnen we er bijvoorbeeld voor zorgen dat als er in Spanje een overschot aan groene energie zou zijn, dat die energie naar bijvoorbeeld Frankrijk of Oostenrijk kan worden geëxporteerd. We moeten daar veel meer op Europees niveau naar kijken.”

Vliegen binnen Europa houdt wat Volt betreft op den duur op.
“Ja, maar er moet eerst een goed alternatief zijn. Je wilt dat er een duurzaam alternatief komt voor vliegen. We moeten dus zorgen dat ons treinennetwerk goed op orde is, zodat mensen de trein ook echt als een alternatief voor het vliegtuig gaan zien. Laten we beginnen met het verzorgen van goede treinverbindingen met Londen, Berlijn en Parijs, zodat daar niet meer op gevlogen hoeft te worden.”

Wat betekent dat voor de positie van Schiphol en Lelystad Airport? Mag Schiphol nog groeien en vluchten naar Lelystad Airport uitbesteden als Volt het voor het zeggen heeft?
“Schiphol kan als internationale hub natuurlijk nog gewoon blijven bestaan. We willen ervoor zorgen dat juist de langere vluchten nog vanaf Schiphol kunnen vertrekken. We zijn zijn dus geen voorstander van het sluiten van Schiphol, maar we moeten wel naar duurzamere transportmiddelen toe, en ook met een groot treinennetwerk kan Schiphol een belangrijke rol blijven spelen. Dat betekent dus dat Lelystad Airport niet ook nog opengaat om korte vluchten te faciliteren, maar dat we in gaan zetten op duurzaam vervoer, en vliegen tegen lage prijzen willen ontmoedigen.”

Volt wil van het collegegeld af en de basisbeurs terug invoeren. Hoe gaat Volt dat financieel bolwerken?
“Met het afschaffen van het collegegeld hopen we ervoor te zorgen dat er echt goed geïnvesteerd wordt in het onderwijs en dat mensen de mogelijkheid hebben om een opleiding af te ronden en door te studeren. We willen mensen de vrijheid geven en ze niet door kosten beperken. Het geld voor dit plan halen we uit vermogensbelasting, die we willen gaan verhogen. Daarnaast moeten wat ons betreft de topinkomens zwaarder belast gaan worden.”

Wat studenten van nu graag willen weten is of Volt van plan is om het geld dat zij hebben moeten lenen onder het leenstelsel, terug te geven.
“Dat is een hele goede vraag. Wij hebben daar nog geen officieel standpunt over. Vanuit het oogpunt van gelijke kansen vind ik het belangrijk dat hier goed naar gekeken wordt. We willen daarom serieus bekijken of en hoe we studenten die in het huidige leenstelsel zitten tegemoet kunnen komen op het moment dat de basisbeurs weer ingevoerd wordt. Mij lijkt het logisch dat je daar in ieder geval wat aan gaat doen, maar hoe we dat precies gaan doen durf ik niet te zeggen. Ik ga nu ook niet heel populistisch zeggen dat we alles gaan teruggeven.”

“Het is niet zo dat producten met een suikertaks ineens tien keer zo duur worden, maar producenten zullen waarschijnlijk wel gaan kijken hoe ze hetzelfde product met minder suiker kunnen maken.”


Volt wil ook een suikertaks invoeren. Wordt snoepen daarmee iets voor de rijken?
“Nee, dat denk ik niet. Producenten gaan er met een suikertaks wel voor zorgen dat er minder suiker in de producten gaan komen. Producten worden daardoor dus gezonder, en daar moeten we ook echt naartoe, want op dit moment is het aantal mensen dat overgewicht heeft gewoon te hoog. Dat heeft ook gevolgen voor onze gezondheidszorg en de kosten die daaraan gebonden zijn.”

Maar mensen willen natuurlijk soms ook gewoon een tompouce of een chocoladebol kunnen eten.
“Dat kan natuurlijk ook nog steeds. Het is niet zo dat producten met suiker ineens tien keer zo duur worden, maar producenten zullen waarschijnlijk wel gaan kijken hoe ze hetzelfde product met minder suiker kunnen maken.”

Is een vleestaks niet noodzakelijker?
“Een vleestaks hebben we niet in ons verkiezingsprogramma opgenomen. Wij denken dat we de landbouw op een andere manier moeten organiseren zodat er een eerlijkere prijs voor vlees wordt betaald. We moeten toe naar een kringlooplandbouw die natuurinclusief en zo min mogelijk vervuilend is. Daardoor wordt de prijs die consumenten betalen vanzelf hoger en is een vleestaks dus niet nodig.”

Volt zet in op een Europese minister van Buitenlandse Zaken en een Europese minister van Financiën. Worden onze Stef Blok en Wopke Hoekstra daarmee overbodig?
“Nee. Een van de verwachtingen van mensen is vaak dat Nederland niet meer relevant is als we zaken Europees willen regelen. Die tegenstelling hoeft er echter niet te zijn. Wij willen vooral dat we als Europa met één stem in de wereld gaan spreken. Met de aanwezigheid van grootmachten als China, India, de Verenigde Staten en Rusland wil je als Europa een blok kunnen vormen om krachtig naar buiten te treden. Bij de Iran-deal zag je bijvoorbeeld dat Trump zich terugtrok en dat Angela Merkel, Emmanuel Macron en Theresa May elk individueel probeerden om Trump toch weer over te halen. Hoe groot die landen ook mogen zijn; ze hebben niet de macht om echt op het wereldtoneel te kunnen onderhandelen. Dat moet je dus als Europa samen doen, en daarmee vergroten we ook het zeggenschap van Nederlanders op internationaal niveau.”

Maar wat zou de toegevoegde waarde van Nederlandse ministers van Buitenlandse Zaken en Financiën dan nog zijn?
“Uiteindelijk heb je als land natuurlijk nog steeds bilaterale relaties. Een Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken zou in ons ideaalbeeld veel meer over bepaalde lokale zaken gaan. Bij grotere zaken zou Europa als één moeten spreken. Bij de Brexit bijvoorbeeld spreekt Europa als één, en dat is ook veruit het beste. Je wilt voorkomen dat landen in Europa uit elkaar gespeeld worden door China of Rusland, die afspraken met individuele Europese landen willen maken om een zo gunstig mogelijke deal binnen te slepen.”

“Leiders van landen als Polen en Hongarije zijn bewust bezig met het afbreken van de rechtsstaat en grepen de Europese Unie onlangs bij de strot. Het is te schandalig voor woorden dat dat kan.”


Om dat Europese blok nog meer kracht bij te zetten, wil Volt ook een systeem van de gekwalificeerde meerderheid invoeren. Met zo’n systeem moet minstens 55% van de lidstaten met een voorstel instemmen, en moeten zij minstens 65% van de bevolking van de lidstaten vertegenwoordigen. Daarmee zou het huidige vetorecht komen te vervallen. Is dat vetorecht niet juist ook een soort veiligheidsmaatregel voor lidstaten om aan de noodrem te trekken?
“Je wilt zorgen dat er vooruitgang is die in het voordeel is van alle Europeanen. We leven in een liberale democratie, en een van de belangrijkste kenmerken daarvan is dat je in een democratie rekening houdt met minderheden. In dit geval zou je dus ook rekening moeten houden met de kleinere landen. Maar uiteindelijk is vooruitgang noodzakelijk, en dat betekent dat je soms niet meegaat in het belang van een hele kleine groep mensen. Op dit moment is er bijvoorbeeld een race to the bottom gaande waarbij bedrijven het land uitzoeken waar ze het minste belasting hoeven te betalen. Een land als Luxemburg heeft nog geen miljoen inwoners, maar kan bijvoorbeeld wel belastinghervormingen tegenhouden. Dat wil je eigenlijk niet, want het is in ieders voordeel dat bedrijven op een eerlijke manier belasting betalen.”

Niet alle landen definiëren ‘vooruitgang’ op dezelfde manier.
“Daar hebben we natuurlijk ook continu discussie over. De vooruitgang die regeringsleiders van landen als Polen en Hongarije voor zich zien is een andere vooruitgang die ik voor me zie. Zij zijn bewust bezig met het afbreken van de rechtsstaat en grepen de Europese Unie onlangs bij de strot door te zeggen: als de rechtsstaattoets er komt, dan blokkeren wij het meerjarig financieel kader en het coronaherstelfonds. Het is te schandalig voor woorden dat dat kan. De vraag is natuurlijk: ben je het altijd overal mee eens? Diezelfde vraag heb je in Nederland ook. De Limburgers zijn het waarschijnlijk ook niet altijd eens met wat de nationale politiek bepaalt, dus zijn er volksvertegenwoordigers die extra aandacht aan hun wensen kunnen besteden en is er de media die daar onderzoek naar doet, om te zorgen dat ieders wensen worden gehoord. Uiteindelijk wil je dat er in het Europees Parlement een echt politiek debat komt over de koers van de Europese Unie.”



Volt wil het mogelijk maken dat landen als Polen en Hongarije, die de democratische rechtsstaat ondermijnen, gesanctioneerd kunnen worden door ze niet meer mee te laten stemmen of ze zelfs uit de Europese Unie te zetten. Kun je niet beter de dialoog met dat soort landen blijven aangaan?
“Het allerbelangrijkste is natuurlijk om te zorgen dat de landen meegaan in de koers die we met de Europese Unie willen varen. Ik vind het schandalig dat er mensen zijn die in die landen voor hun eigen gewin de rechtsstaat afbreken. Dat die rechtstaattoets er komt is denk ik een heel belangrijke eerste stap. Het is verwerpelijk dat er zo lang niet is ingegrepen en dat er tot nu toe nog geen harde maatregelen tegen dat soort landen zijn genomen. Ik ben er helemaal voor dat je in dialoog blijft met mensen en om ervoor te zorgen dat je ze niet afsnijdt, want het gaat uiteindelijk ook om de vele Hongaren die je niet in de steek mag laten. Ik vind het echter heel erg kwalijk dat we het zo ver hebben laten komen. Het CDA zit in dezelfde Europese fractie als Fidesz, de partij van de Hongaarse premier Viktor Orbán, maar die hoor je daar veel te weinig over. Ik vind het onvoorstelbaar dat het CDA Fidesz niet uit de fractie zet, of zelfs geen kritisch geluid laat horen.”

Tijdens het Volt-congres op 1 februari dit jaar zei je, toen je nog voorzitter van de partij was, dat ‘Volt straks een verkiezingsprogramma heeft dat Nederlanders vertrouwen geeft in een Europese toekomst.’ Is dat vertrouwen er nu niet?
“Volgens mij hebben veel Nederlanders vertrouwen in Europese samenwerking, maar je ziet ook een groeiend nationalisme ontstaan onder Geert Wilders en Thierry Baudet, en de VVD die ook een steeds conservatief-nationalistischer koers gaat varen. Ik denk dus dat Nederlanders nog veel meer meegenomen zouden mogen worden in het grotere verhaal van die Europese samenwerking. Ik vind het heel mooi hoe wij ons verkiezingsprogramma hebben vormgegeven en dat we ons echt durven uit te spreken vóór Europa. Maar we zeggen ook dat Europa beter moet gaan functioneren, dus we hebben daar ook een sterke hervormingsagenda bij.”

‘Nederland moet eigenlijk minder een dwarsligger worden en meer een leider’, zeg je ook.
“Als je kijkt naar het coronaherstelfonds maakten Frankrijk en Duitsland een draai. Die zeggen met z’n tweeën: ‘Oké, we moeten hier wat aan doen. We willen een gezamenlijk fonds om samen uit deze crisis te komen.’ Nederland zit te slapen. Ik ben van mening dat als je je belangen echt wilt vertegenwoordigen, je zelf richting moet geven aan de situatie waar je naartoe wilt. Ik vind dat Nederland daarin ook een leiderschapsrol zou moeten nemen. Nederland zou achter het stuur moeten gaan zitten en niet achteraan de bus moeten hangen.”

Zien Duitsland en Frankrijk het ook zitten, om die leiderschapsrol met Nederland te delen, of aan Nederland af te staan?
“Op het moment dat je met goede ideeën komt waar mensen in vertrouwen en waarin ze het belang zien, denk ik dat je heel veel voor elkaar kunt krijgen. Rutte hoeft daarvoor niet ineens de premier van alle Europeanen te worden, maar het zou toch mooi zijn als Nederland met ideeën zou kunnen komen waar de Italianen en de Esten beter van worden en waarvan we in Nederland ook denken: ja, dit is het Europa waar we naartoe willen. Dat lijkt me beter dan bijvoorbeeld de simplistische discussie te voeren of we in of uit Europa willen blijven.”

Dit verhaal was nooit gerealiseerd zonder de steun van mijn abonnees en donateurs. Door hun financiële bijdrage heb ik de ruimte om onafhankelijke journalistiek te bedrijven. Dat is van grote waarde voor onze democratie. Help me ook de macht te controleren en ongure zaken aan de kaak te stellen. Word abonnee voor drie euro per maand.


Er zijn wel partijen die graag die ‘simplistische’ discussie voeren. Stemmers van Forum voor Democratie, de PVV en wellicht ook de SP zijn zeer kritisch op hoe de Europese Unie functioneert en willen minder of geen macht aan dat bestuursorgaan toedichten.
“Dat is gewoon een heel populistische manier om snel stemmen te scoren. Ergens tegen zijn is tenslotte makkelijker dan ergens voor zijn. Ik heb daar helemaal niks mee. Ik vind dat de Brexit goed illustreert waarom we een Nexit-discussie helemaal niet moeten voeren.”

De stemmers van die partijen hebben wel zorgen.
“Die zorgen zijn ook legitiem. Als mensen niet worden meegenomen in het Europese verhaal, dan kan ik me voorstellen dat ze zich afvragen wat er in de Europese politiek precies gebeurt en hoe die politiek wordt vormgegeven. De oplossingen die door dit soort partijen worden geboden zijn volgens mij alleen niet de juiste.”

“Samenwerken met een partij als Forum voor Democratie zit er zeker niet in.”


Sluit Volt die partijen uit van samenwerking?
“Voor mij is het allerbelangrijkste dat Europa echt een hoofdzaak gaat worden, en dat we inzetten op een duurzame innovatieve wereld, een eerlijker Nederland en eerlijker Europa, met goed onderwijs en een goede publieke sector. Dat zijn basisvoorwaarden waarvan ik denk dat we eraan moeten werken. We zullen dan met verschillende partijen moeten kijken wie precies waarop wil inzetten, maar het zal niet snel met een Forum voor Democratie of een SGP zijn. Of een SP, for that matter.”

‘Het zal niet snel met een Forum voor Democratie, een SGP of een SP zijn’. Is dat ook echt uitsluiten?
“Het liefst wil je niemand uitsluiten, maar een samenwerking lijkt me onwaarschijnlijk, want we staan voor hele andere zaken. Met een partij als Forum voor Democratie zit een samenwerking er zeker niet in.”



Volt streeft naar minimaal drie zetels in de Tweede Kamer. Als je de Tweede Kamer zou halen, zou je na Jesse Klaver de jongste fractievoorzitter worden. De lijst van Volt is ook zeer jong. Hebben jullie voldoende politieke kennis en ervaring om die dossiertijgers en ouwe rotten in het vak aan te kunnen?
“Ik zie het als een hele grote kracht dat we een jonge beweging zijn met heel veel energie die ervoor kan zorgen dat we op een andere, frisse manier naar de politieke wereld gaan kijken. Ik denk dan ook dat het een verademing voor de Tweede Kamer zou zijn als Volt daar onderdeel van gaat uitmaken. Natuurlijk zullen we ons moeten verdiepen in de manier waarop de Tweede Kamer werkt, maar we hebben veel kennis in onze organisatie, van experts, van mensen die al heel lang met bepaalde onderwerpen bezig zijn, die ons allemaal gaan helpen om ervoor te zorgen dat we daadwerkelijk onze idealen weten te verwezenlijken.”

Jullie partij is een grassrootsbeweging: een beweging die van beneden af aan door burgers wordt opgebouwd. Onlangs heeft D66 de campagne omtrent Sigrid Kaag gelanceerd. Zij profileren zich wellicht ten onrechte ook als een grassrootsbeweging. Zijn ze jullie identiteit aan het kapen?
“Een grassrootspartij draait om meerdere leiders, dus als je een grassrootsbeweging om één leider heen bouwt, zou dat niet mijn definitie van een grassrootsbeweging zijn. Ze gebruiken nu ook de kleuren die wij ook gebruiken, en ik zie dat eigenlijk gewoon als een groot compliment. Dat ze dat doen is verder aan hun. Wij willen een paarse golf (de kleur van de huisstijl van Volt is paars, red.) door Europa laten gaan, en als zij die golf hiermee versterken, lijkt me dat alleen maar een goede zaak.”

Er zijn wel wat mensen die denken dat Volt en D66 wel heel erg veel overeenkomsten vertonen.
“D66 is een pro-Europese partij, maar uiteindelijk is het wel gewoon een Nederlandse partij. Kaag zegt ook: Het is tijd voor een nieuw Nederlands perspectief. Wij zeggen: Nee, we moeten Europees gaan denken, vanuit een Europees belang. Dat is echt een enorm verschil. Wij staan in Bulgarije op de straat om te protesteren en maken ons in Italië hard voor noodzakelijke hervormingen. We denken niet vanuit nationaal belang, maar juist vanuit een Europees belang. D66 is al heel lang bezig om zich op Europees gebied te profileren, en dat juich ik heel erg toe, want uiteindelijk is het doel ook niet dat Volt de enige pan-Europese partij blijft, maar dat er bijvoorbeeld ook een CDA en een SP op Europees niveau komen.”

Maakt die Europese benadering Volt een one-issuepartij?
“Nee. Klimaat, veiligheid, migratie, economie, corona; het zijn allemaal thema’s die je Europees moet oplossen. Voor ons is Europa niet het doel, maar wel een middel om grote uitdagingen met elkaar aan te kunnen pakken.”

Europa is dus een middel voor Volt, maar wel één dat nog gebreken kent. Jullie willen daarom enkele democratische hervormingen doorvoeren, zowel op lokaal, nationaal als Europees niveau. Gek genoeg zit het referendum daar niet bij.
“Taferelen zoals het Brexit-referendum wil je niet meer hebben. Je legt mensen dan een vraag voor die zo ontzettend groot is dat eigenlijk niemand kan bevatten wat de consequenties van een keuze precies zijn. We staan wel voor nationale burgerfora, zodat mensen van tevoren inspraak krijgen in het beleid. Wat we daarnaast op lokaal gebied willen doen is het beschikbaar stellen van budgetten, zodat mensen zelf kunnen bepalen wat ze belangrijk vinden en waar in geïnvesteerd dient te worden, zoals een speeltuin of een park dat opgeknapt moet worden.”

Zo’n nationaal burgerforum kan wel effect hebben, maar mensen zijn over het algemeen druk met van alles, en hebben echt niet de tijd om alle ontwikkelingen te volgen. Zou een referendum niet juist een handige noodmaatregel zijn?
“Het is inderdaad niet mogelijk om alle ontwikkelingen te volgen als normale burger. Daarom hebben we ook een representatieve democratie en kiezen we mensen die ons vertegenwoordigen. Op het moment dat je een correctief referendum gaat invoeren geef je mensen een middel in handen wat ze niet de juiste mogelijkheden geeft om inspraak te krijgen. Je wilt ze juist onderdeel maken van het wetsproces door ze in het begin al actief mee te laten denken.”

In jullie verkiezingsprogramma staat dat Volt niet links of rechts is, maar ‘duurzaam, progressief en sociaal’. Dat klinkt toch aardig links.
“‘Links’ en ‘rechts’, dat verwijst een beetje naar het denken van vroeger: je hebt linkse thema’s en je hebt rechtse thema’s, en die staan tegenover elkaar. Maar als je kijkt naar het klimaat, dat is geen links of rechts thema. Dat is een thema van ons allemaal, en dat moeten we dus ook samen oplossen, en daar kunnen verschillende ideeën over zijn, maar dat het gezamenlijke uitdaging is, dat staat vast. Ik denk dus juist helemaal niet dat ‘duurzaam’, ‘progressief’ en ‘sociaal’ alleen maar linkse thema’s zijn is.”



Volt heeft geen jongerenorganisatie. Andere partijen hebben die vaak wel, en die zorgen vaak voor gezonde kritiek op de moederpartij. Waarom heeft Volt geen jongerenorganisatie?
“Wij vinden dat jongeren echt vertegenwoordigd moeten zijn in de politiek, dus dat betekent dat je als jong persoon ook aan tafel moet zitten. Als je jongeren echt onderdeel wilt maken van het debat, dan moet je ze op de lijst hebben staan en dan moeten ze in de partij functies vervullen. Bij andere partijen mogen de jongerenorganisaties kritiek geven op het verkiezingsprogramma. Ze mogen zeggen waar ze het niet mee eens zijn en wat hen betreft hún verkiezingsprogramma zou zijn, maar daar houdt het ook wel mee op. Wij zeggen: die kritiek moet bij het schrijven van het verkiezingsprogramma meteen worden meegenomen. Jongeren in een aparte organisatie neerzetten is niet goed wat ons betreft.”

Jongeren zijn bij Volt misschien wel oververtegenwoordigd. Er zijn nog enkele 55+’ers, maar de groep 40- tot 55’ers ontbreekt binnen de gelederen van Volt een beetje.
“Ik denk dat dat te maken heeft met drukke familielevens. Mensen krijgen kinderen en maken carrière. Wellicht hebben ze zich voorheen al bij een andere partij aangesloten. Jongeren sluiten zich vooral bij ons aan omdat ze zijn opgegroeid met een Europese Unie zonder grenzen, met de euro en met grote klimaatuitdagingen, dus zij geloven ook echt in die Europese samenwerking.”

Maar onder die 40- tot 55’ers zitten ook veel potentiële stemmers, natuurlijk.
“We gaan er ook voor zorgen dat we iedereen weten aan te spreken. Qua leeftijd, qua afkomst, qua woonplaats, qua leefomgeving, noem maar op. Uiteindelijk willen we heel het land en heel Europa vertegenwoordigen. Dat zijn doelen waar we ons onder de streep keihard voor inzetten.”

Je stond op de lijst van de Europees Parlementsverkiezingen, en nu trek je de lijst voor de Tweede Kamerverkiezingen. Welke rol past jou het beste?
“Die van lijsttrekker. Ik heb lang nagedacht of ik me zou kandideren, maar ik vind de urgentie zo ontzettend hoog, en ik vind het zo ontzettend eervol dat ik dit namens Volt mag doen, dat ik denk dat dit me goed staat. Europa is onvoldoende onderdeel van het debat. De oplossingen die worden geboden zijn niet afdoende. Het is aan mij, en aan ons, om in de Nederlandse politiek de energie te gaan brengen die de Tweede Kamer zo mist. Iedereen bij Volt heeft er onwijs veel zin in. Ik ook.” ●

Opbrengsten en uitgaven
Journalistiek onderzoek kost tijd en geld. Dit verhaal heeft mij als zelfstandig journalist 24 uur werk gekost. Daarmee is dit verhaal wat arbeidslast betreft 818,16 euro waard. Daarnaast zijn er andere kosten gemaakt, zoals de kosten voor een OV-fiets. Die kosten bedragen bij dit verhaal 3,95 euro. De totale waarde van mijn journalistieke werkzaamheden voor dit verhaal komen daarmee neer op 822,11 euro.

Met dank aan mijn abonnees en donateurs heb ik aan dit verhaal 55,90 euro verdiend. Helaas heb ik dus nog niet alle kosten weten te dekken. Help me nu mijn begroting te dichten en sluit een abonnement af. Alleen als ik voldoende abonnees kan ik onafhankelijke journalistiek blijven bedrijven.

Share on facebook
Share on twitter
Share on tumblr
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email

Nog meer bijzondere verhalen

4 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.